Geschiedenis T-Fonds

Het T-Fonds werd in 1949 in Amsterdam opgericht door ondernemers uit de familie Brenninkmeijer, eigenaren van modeketen C&A. Voorheen heette het fonds het Terlingenfonds, naar de heer Rudolf Henricus Terlingen (1885-1969), een bouwkundige die het T-Fonds de eerste twintig jaar heeft geleid.

Na de Tweede Wereldoorlog, tijdens de wederopbouw, wilde de familie arme woningeigenaren helpen om hun gezinnen een fatsoenlijk dak boven het hoofd te bieden. Ze vielen in deze periode buiten de subsidies van de overheid en konden een financieel steuntje in de rug goed gebruiken. Het T-Fonds bood huiseigenaren ondersteuning bij de verbetering van hun woning.

Later, toen de overheid meer ging bijdragen aan renovaties en stadsherstel, richtte het T-Fonds zich op nieuwbouw en werden de zogeheten Terlingenwoningen ontworpen. Het fonds droeg ook bij aan de kosten van de bouw van deze woningen.

Vanaf de jaren zeventig investeerde de Nederlandse overheid steeds meer in betaalbare woningen. Er werd voor nieuwbouw minder een beroep gedaan op het T-Fonds, maar er ontstond een nieuwe vraag naar steun. Het fonds kreeg een groeiend aantal aanvragen voor de financiering van aanpassingen aan huizen en vervoermiddelen voor mensen met een beperking.

In samenwerking met zorgorganisaties en andere fondsen beoogt het T-Fonds met vervoermiddelen en woningaanpassingen het welzijn en de kwaliteit van leven van mensen met een beperking te verbeteren.